20 minuten full-body circuit: rondes, werk:rust, geen kit

20 minuten workout als full-body circuit zonder kit: 4 rondes, compounds, werk:rust en progressie in die 20 minuten. Geen 7-minutenprotocol.

Twintig minuten is lang genoeg voor een ronde over het hele lichaam, en kort genoeg dat hij nog in een ochtend past voordat de trein gaat. Deze pagina is die ronde: een 20 minuten workout als full-body circuit zonder materiaal. Vier rondes. Samengestelde oefeningen. Een vaste werk:rustverhouding. Progressie die binnen die twintig minuten blijft, in plaats van de timer stiekem naar vijfentwintig te duwen.

Het ACSM-protocol van zeven minuten hoort op een andere pagina. Vijf versus tien minuten is een andere keuze. Of tien minuten per dag volstaat, is weer een haalbaarheidsvraag. En een houten wandplank is meubelwerk: als hier een steunhouding voorkomt, gaat het om een isometrische oefening, niet om schappen van de bouwmarkt.

Bull et al. (2020, PMID 33239350) en de Physical Activity Guidelines for Americans zetten volwassen beweging in een week, niet in een magische sessieduur. Deze klok is één afspraak in die week.

Wat een 20 minuten workout hier is: full-body circuit zonder kit

Een 20 minuten workout is op deze pagina een circuit. Je klokt vier rondes. Elke ronde heeft vijf samengestelde stations. Elk station duurt veertig seconden werk en twintig seconden wisselrust. Vijf keer zestig seconden is vijf minuten. Vier van die blokken zijn twintig minuten. Zonder extra adempauze tussen rondes blijft de stopwatch eerlijk. Met een extra minuut ertussen is het geen twintig-minutenformat meer; het is een andere sessie.

Full-body betekent hier: onderlichaam, duwen, eenbenig werk, een romphouding en een laterale conditieprikkel in dezelfde ronde. Niet dat elke spiervezel in twintig minuten uitgeput raakt. Robbins, Young en Behm (2010, PMID 20847705) vergeleken een bovenlichaamprotocol waarin agonist en antagonist elkaar opvolgden met een traditionelere opzet. In hun setting steeg het volume load en de efficiëntie (volume per tijd) bij die afwisseling. Dat is geen bewijs dat jouw woonkamerronde identiek is aan hun halterprotocol. Het is wel een reden om een squat niet meteen te laten volgen door een tweede zware beenvariant, en een push-up niet door nog een duwstation.

Zonder kit is de harde rand: geen gewichten, geen weerstandsband, en de stoel blijft waar hij is. Een Bulgarian split squat op de eetkamerstoel maakt de ronde afhankelijk van meubels. Reverse lunges op de vloer niet. Dat is waarom station drie hier een achterwaartse lunge is. Je kunt het circuit in een hotelkamer, op een veldje of naast het fornuis doen. De vloer is het materiaal.

Garber et al. (2011, PMID 21694556) schrijven dat een oefenprogramma voor ogenschijnlijk gezonde volwassenen zowel cardiorespiratoire als musculoskeletale prikkels nodig heeft, en dat de dosis bij de persoon hoort. Hun zin, letterlijk: “The exercise program should be modified according to an individual’s habitual physical activity, physical function, health status, exercise responses, and stated goals.” In dit circuit vertaalt dat zich naar varianten, niet naar een ander tijdsblok. Wie gisteren drie uur in de auto zat, start ronde één rustiger dan wie al vijf keer per week loopt. Wie kniepijn krijgt bij sprongen, houdt squats op de grond. De klok blijft twintig minuten.

De Physical Activity Guidelines for Americans (2018) blijven een weekdoel: minstens honderdvijftig minuten matige of vijfenzeventig minuten stevige aerobe activiteit, plus spierversterkend werk op twee of meer dagen. Bull et al. (2020, PMID 33239350) gebruiken dezelfde logica in de WHO-richtlijn van 2020: de week telt, bouts van elke duur tellen mee, en spierversterkend werk hoort erbij. Een nette ronde van twintig minuten op stevige inzet kan als stevige aerobe minuten plus krachtprikkel meetellen. Hij vult de week niet.

Dit circuit is ook geen verzameling losse minuten die je over de dag strooit. Brown, Henderson, Stern en Carson (2024, PMID 39554919) beschrijven gezondheidsuitkomsten en adherentie bij meerdere korte aerobe blokken bij volwassenen. Hun review is geen RCT van dit 20-minutencircuit. Blijf hier als je één aaneengesloten ronde wilt klokken.

Het 20-minutenprotocol: vier rondes, compounds en werk:rust

De ronde is saai op papier, en dat is de bedoeling. Zelfde vijf stations, elke ronde, zodat je output kunt vergelijken.

OnderdeelMaat
Station werk40 seconden
Station rust20 seconden
Stations per ronde5
Rondes4
Extra rust tussen rondes0 als je 20 minuten wilt houden
Totaal20 minuten

Volgorde per ronde: lichaamsgewichtssquat, push-up of muurvariant, reverse lunge, holle-lichaamshouding, laterale skaters of zijstappen. Onderlichaam, duwen, eenbenig, romp, lateraal. De rust van twintig seconden is wisseltijd: adem, zet je voeten, start het volgende station. Na de skaters is diezelfde twintig seconden de ronde-overgang. Drinken mag. Een verhaal tussendoor niet, als de klok heilig is.

Waarom veertig-twintig en niet dertig-tien? Dertig-tien is het ritme van het bekende zeven-minutenprotocol. Dat protocol, met twaalf stations in één korte ronde, staat op de wetenschap achter de 7-minuten-workout. Hier is de werkperiode langer en de ronde vijf stations, herhaald tot twintig minuten. Je krijgt per station meer herhalingen in één stuk, en je herhaalt de set vier keer. Dat is een andere dichtheid.

Weakley, Till, Read en collega’s (2017, PMID 28698987) vergeleken traditionele sets, supersets en tri-sets in weerstandstraining. Eerste auteur is Weakley JJS, publicatie European journal of applied physiology. Dicht opeenvolgende structuren veranderden de ervaren intensiteit en de fysiologische respons ten opzichte van traditionele rust. Ze leveren geen claim dat je vijftig procent van de sessietijd wint, en dit artikel verzint die claim niet. Wat je er wél mee mag doen: een circuit met korte wisselrust voelt zwaarder dan dezelfde oefeningen met lange pauzes. Als ronde twee al als chaos voelt, is de werk:rust te dicht voor jouw huidige conditie. Verleng de rust niet stiekem tot een minuut. Kies een lichtere variant en houd veertig-twintig.

Robbins, Young en Behm (2010, PMID 20847705) blijven nuttig voor de volgorde. Agonist-antagonist in hun bovenlichaamprotocol droeg volume load en efficiëntie. In een bodyweight-circuit vertaal je dat grof: duwen en een romphouding mogen dicht bij elkaar; twee beenstations hoeven niet allebei maximaal explosief achter elkaar als je in ronde vier nog wilt landen. Daarom staat de reverse lunge ná de push-up, niet direct na de squat.

Techniekregel: de variant is te zwaar als de vorm in de laatste tien seconden van het station onherkenbaar wordt. Squats die in stuiteren veranderen, push-ups waarvan de heup op de vloer kletst, lunges die in een val naar voren eindigen. Stop het station, adem de rest van de veertig seconden, en kies volgende ronde lager. Garber et al. (2011, PMID 21694556) zetten gezondheid, functie en reactie in het programma. Pijn is een reactie.

Wie nog nooit op deze vloer is begonnen, heeft eerst een start nodig die kleiner is dan twintig minuten. Dat is beginnen met thuis trainen, niet dit circuit.

Progressie in 20 minuten: meer kwaliteit in dezelfde klok

De timer is de constante. Wat mag groeien: herhalingen per station, de moeilijkheid van de variant, en hoe netjes ronde vier nog op ronde twee lijkt. Wat niet mag groeien: de klok. Vijfentwintig minuten is een andere sessie. Dertig is een andere pagina.

Tel in week één de herhalingen van station één tot en met drie in ronde twee en in ronde vier. Station vier is een houding; daar tel je of de onderrug in de vloer bleef. Station vijf tel je landingen of stappen. Schrijf het ergens saais op. Als je drie weken later in ronde vier twee herhalingen meer haalt met dezelfde vorm, is dat overload. Als je twee herhalingen meer haalt omdat je halverwege gaat stuiteren, is dat geen overload. Dat is slordigheid met een hoger getal.

Ronde-opbouw binnen één sessie voorkomt dat ronde één een heldendaad is en ronde vier een sloop. Ronde één: je kunt nog een korte zin zeggen in de wisselrust. Ronde twee: de zin wordt korter. Ronde drie: je wilt de rust stelen. Ronde vier: je houdt de vorm, of je schaalt. Dat is geen hartslagzone uit een lab. Het is een praattest in de woonkamer. Garber et al. (2011, PMID 21694556) vragen dat het programma volgt op wat je gewoonlijk doet en hoe je reageert. Wie ronde één al op ronde-vier-ademhaling start, heeft de dosis voor deze klok te hoog gezet.

Varianten, van licht naar zwaar, zonder extra minuten: squat naar squat-to-stand langzaam, dan squat, dan squat jump als de landing zacht is. Push-up tegen de muur, dan op de knieën, dan vloer, dan voeten verhoogd alleen als de schouder het toelaat. Reverse lunge op de plaats, dan langer achteruit, dan een korte pauze onderin. Holle houding met gebogen knieën, dan gestrekter. Skaters als zijstap, dan als sprong. Eén variabele per week. Twee tegelijk maakt de logboekvergelijking waardeloos.

Brown et al. (2024, PMID 39554919) helpen hier als afbakening. Hun onderwerp is meerdere korte aerobe stukken en of mensen die volhouden. Als jouw “progressie” bestaat uit het circuit in vier blokjes van vijf minuten over de dag te knippen, beantwoord je hun vraag. Dat mag als adherentie. Het is niet meer dit circuit.

Weakley JJS et al. (2017, PMID 28698987) laten zien dat dichtere setstructuren de sessie anders laten voelen. Progressie kan dus ook zijn: dezelfde variant, dezelfde veertig-twintig, maar minder pauzes binnen het werkblok. Wie elke acht seconden rechtop komt tijdens squats, traint onderbroken sets. Eerst die gaten dichten.

Wie na vier nette rondes nog praat alsof de koffie nog warm is, heeft twee keuzes die binnen de klok blijven: een zwaardere variant, of strakkere uitvoering. De sessie verlengen verlaat deze pagina. Een kortere begeleide steen na afloop kan in RazFit, één tot tien minuten op iPhone. Dat is extra, geen bewijs dat de app dit protocol in een trial heeft getest.

Intensiteit en weekdosis: wat Knab, Brown en O’Donovan hier niet bewijzen

De verleiding bij twintig minuten is het afterburn-sprookje. Knab, Shanely, Corbin en collega’s (2011, PMID 21311363) maten het metabolisme in een kamer na een sessie van vijfenveertig minuten stevige inspanning. Ze zagen een verhoogde stofwisseling tot veertien uur daarna. Dat is hun protocol: vijfenveertig minuten, stevige inzet, die setting. Dit artikel deelt dat getal niet door twee omdat jouw circuit twintig minuten duurt. Er is geen lineaire knop. Wie “veertien uur na mijn woonkamerronde” belooft, citeert Knab verkeerd.

Tel calorieën dus in de ronde zelf, grof, of tel ze helemaal niet. Vetverlies blijft een weekbalans van eten, bewegen en herstel. De Physical Activity Guidelines for Americans en Bull et al. (2020, PMID 33239350) praten in wekelijkse minuten en in spierversterkende dagen, niet in een afterburn van een woonkamer-circuit.

O’Donovan, Lee, Hamer en Stamatakis (2017, PMID 28097313) onderzochten in JAMA Internal Medicine het patroon dat zij “Weekend Warrior” noemen, naast andere vrijetijdspatronen, in relatie tot sterfte. Mensen die hun activiteit op één of twee dagen concentreerden, hadden in hun associaties een vergelijkbaar beeld als mensen die vaker verdeelden, zolang de wekelijkse dosis in de buurt van de richtlijn lag. Dat is epidemiologie, geen voorschrift om dit circuit alleen op zondag te doen. Het is wel een rem op de paniek dat twintig minuten op dinsdag “niet telt” als woensdag uitvalt. De week telt. Deze ronde is een bijdrage.

Brown et al. (2024, PMID 39554919) blijven de andere afbakening: meerdere korte aerobe bouts bij volwassenen. Geen RCT van dit vijf-stationscircuit. Als iemand vraagt of vier keer vijf minuten verspreid “hetzelfde” is: Brown praat over korte aerobe stukken in het algemeen, niet over jouw vier rondes compounds. Samengestelde oefeningen met uitvalspassen en push-ups zijn geen wandeling in vier hapjes.

Hoe vaak dit circuit in een week? Garber et al. (2011, PMID 21694556) geven kaders voor aerobe frequentie en voor weerstand, plus herstel tussen zware sessies die dezelfde spiergroepen raken. Voor dit circuit, op stevige inzet, is drie keer per week een verstandige start, met een dag ertussen. Vier keer kan als ronde vier nog technisch blijft en slaap normaal is. Dagelijks maximaal is meestal een egoplan.

Wie wil weten hoe vaak een beginner überhaupt plant, gebruikt hoe vaak beginners moeten trainen. Die pagina gaat over frequentie als de gewoonte nog wankelt. Hier gaat het over de dosis van deze twintig minuten als de ronde al bestaat.

Signaal dat de week te vol is: landingen worden hard, de holle houding laat de onderrug los, of je schuift de ronde drie dagen achter elkaar. Dan is de volgende progressie een lichtere variant of een rustdag, niet een vijfde ronde. Robbins et al. (2010, PMID 20847705) gingen over efficiëntie van volume in een gecontroleerd bovenlichaamprotocol, niet over trainen tot je vorm verdwijnt.

Wat dit circuit niet is: 7 minuten, 5-versus-10, of 10 minuten per dag

Deze zoekvraag is de ronde van twintig minuten. De buurpagina’s beantwoorden andere klokken.

Het ACSM-gerelateerde zeven-minutenprotocol gebruikt twaalf stations en dertig-tien, in één korte ronde. Dat staat in de wetenschap achter de 7-minuten-workout. Leen daar geen twaalf oefeningen van om ze in twintig minuten te proppen. Dan heb je hun protocol kapotgemaakt en dit circuit ook. Zeven minuten drie keer achter elkaar is een herhaling van zeven minuten. Het is geen vier-rondes-compounds-format.

De keuze tussen vijf of tien minuten als trainingsblok is een formatvraag. Die staat in kies je beter 5 of 10 minuten. Of vijf of tien “betere resultaten” geeft, is weer een andere baan, in geeft 5 of 10 minuten trainen betere resultaten. Twintig is hier geen optelsom van twee keer tien, en geen bewijs dat tien verliest. Wie maar tien minuten heeft, gaat naar die pagina’s of naar een tien-minutenformat. Wie twintig minuten heeft en een full-body ronde wil, blijft hier.

Of je fit kunt worden met tien minuten per dag is een haalbaarheidsvraag. Die staat in kun je fit worden met 10 minuten per dag. Brown et al. (2024, PMID 39554919) liggen dichter bij die verspreide-korte-blokkenvraag dan bij dit aaneengesloten circuit. Gebruik Brown daar, niet om dit protocol tot “eigenlijk tien plus tien” om te katten.

Een plank als oefening, met ellebogen onder de schouders, is een techniekpagina: de plank met controle. Daar gaat het om die isometrische steun, niet om een houten wandplank. Dit artikel leert die steun niet. Station vier is een holle-lichaamshouding op de rug. Als je in station twee een lichaamslijn leest, is dat de lijn tijdens de push-up, geen bouwmarktlijst.

HIIT als eigen stijl hoort in het HIIT-cluster. Een full-body intervalgids staat op full-body intervaltraining. Een opstap van vijftien minuten staat op 15 minuten HIIT als opstap. Dit circuit kan voelen als intervalwerk omdat de rust kort is. Het is geen Tabata en geen McMaster-sprintprotocol. Weakley et al. (2017, PMID 28698987) blijven weerstandstructuren. O’Donovan et al. (2017, PMID 28097313) blijven vrijetijdspatronen en sterfte. Geen van beide is een HIIT-RCT van deze vijf stations.

Een vijftien-minuten full-body ronde zonder apparatuur is de naaste klok in hetzelfde cluster: full-body in 15 minuten. Vijftien is drie rondes van vijf minuten, of een ander stationsplan. Twintig is vier rondes. Kies de klok die je beschermt.

Wanneer 20 minuten te krap is, en hoe je schaalt zonder de ronde te slopen

Twintig minuten is te krap als je doel een langdurige duurinspanning is: een eerste 10 kilometer, een tocht op de racefiets, een scheidsrechterweekend. Dit circuit raakt conditie. Het vervangt geen duurvolume. Voeg wandelen of fietsen toe op andere dagen. Trek deze ronde niet tot veertig minuten “omdat Knab vijfenveertig deed”. Knab et al. (2011, PMID 21311363) blijven vijfenveertig minuten stevige inspanning in hun meting. Andere klok, ander bewijs.

Twintig minuten is te krap voor maximale hypertrofie met zware belasting. Robbins et al. (2010, PMID 20847705) werkten met een bovenlichaam-weerstandsprotocol en volume load. Dit circuit gebruikt lichaamsgewicht en korte rust. Je kunt sterker worden in de stations, vooral als beginner. De claim dat vier rondes push-ups een bench-programma evenaren, is marketing. Garber et al. (2011, PMID 21694556) willen weerstand als deel van een week, met progressie die bij de persoon past. Voeg een tweede krachtdag toe als spiermassa het doel is. Houd deze ronde als de full-body afspraak die je wél doet.

Twintig minuten is te krap, of te risicovol, bij pijn op de borst, duizeligheid, onverklaarde kortademigheid, recente operatie, of een knie die bij elke lunge protesteert. Dan is de volgende stap een zorgverlener. De WHO-richtlijn van Bull et al. (2020, PMID 33239350) geldt voor volwassenen in het algemeen en zegt ook dat mensen met aandoeningen advies nodig kunnen hebben. De Physical Activity Guidelines for Americans doen dat in hun eigen jurisdictie. Dit artikel is geen spreekkamer.

Schalen naar beneden, binnen de klok: muur-push-ups, squats tot een stoelzitting als doelhoogte zonder de stoel als Bulgarian-steun, lunges die korter reizen, holle houding met gebogen knieën, skaters als zijstap. Vijf stations, vier rondes, veertig-twintig: die maten blijven staan. Wat verandert is de moeilijkheid, omdat Garber het programma aan de persoon hangt, niet omdat de zoekvraag ineens vijf minuten werd.

Schalen naar boven, binnen de klok: langzamer zakken, grotere bewegingsuitslag, sprong alleen als de landing stil en zacht is, holle houding strakker, skaters verder. Een zesde station hoort hier niet. Een vijfde ronde die de sessie tot vijfentwintig trekt ook niet. Extra minuten zijn een andere beslissing. Extra kwaliteit is deze.

O’Donovan et al. (2017, PMID 28097313) mogen tot slot: een week waarin de dosis op twee dagen zit, kan in hun associaties nog een patroon zijn dat ze in de analyse hielden. Dat is geen vrijbrief om zes dagen stil te zitten. Klok de ronde als hij in de agenda past, tel hem in die week, en laat de zeven-minutenpagina, de vijf-versus-tienpagina’s, de tien-minuten-per-dagvraag en de houten plank waar ze horen.

Medische grens van dit circuit

Dit is fitnessinformatie voor ogenschijnlijk gezonde volwassenen, geen medisch advies. Vraag een zorgverlener om advies voordat je start of opschaalt, vooral bij ziekte, zwangerschap, blessure, medicatie of pijn. Pijn is geen trainingsprikkel.

RazFit op iPhone: kortere stenen, niet dit 20-minuten-RCT

RazFit bouwt begeleide sessies van 1 tot 10 minuten lichaamsgewicht op iPhone. Orion coacht kracht en uithouding. Lyssa coacht cardio en lenigheid. Tweeëndertig badges markeren afgemaakt werk. Een proef van 3 dagen is genoeg om te voelen of een getimede, korte ronde je drempel verlaagt. De app is geen arts en geen gerandomiseerde trial van dit 20-minuten full-body circuit. Gebruik RazFit als je tien minuten of minder hebt, of als je na dit protocol een korte steen wilt. Klok de vier rondes van deze pagina zelf als het slot twintig minuten is. Download RazFit in de App Store.

The exercise program should be modified according to an individual's habitual physical activity, physical function, health status, exercise responses, and stated goals.
Carol Ewing Garber, PhD, FACSM Lead author, ACSM Position Stand on Quantity and Quality of Exercise (PMID 21694556); Professor of Movement Sciences, Teachers College, Columbia University
01

Lichaamsgewichtssquat

Pluspunten:
  • Raakt quadriceps, bilspieren en een deel van de conditie zonder materiaal
  • Werkt overal: keukenvloer, hotelkamer, veldje naast het station
Nadelen:
  • Harde squat jumps belasten knieën en enkels als de landing slordig wordt
  • Te diep met ronde rug is geen progressie; het is een andere oefening
Uitspraak Eerste compound van de ronde: onderlichaam eerst, zodat duwen daarna frisse spieren treft
02

Push-up of muurvariant

Pluspunten:
  • Duwt borst, schouders en triceps in dezelfde veertig seconden
  • Muur- en knievarianten houden het station in het circuit als de vloerversie te zwaar is
Nadelen:
  • Brede handen irriteren soms de voorkant van de schouder
  • Heup die doorzakt maakt van de push-up een holle onderrug
Uitspraak Het duwstation; zet het niet achter een tweede duwoefening in dezelfde ronde
03

Reverse lunge

Pluspunten:
  • Eenbenig werk vangt links-rechtsverschil dat squats maskeren
  • Minder laterale ruimte dan een jumping lunge, dus beter in een smalle gang
Nadelen:
  • Knie van het voorste been mag niet over de teen knikken tot het gewricht klaagt
  • Balans vraagt een langzamere eerste ronde dan je ego wil
Uitspraak Tweede beenstation, andere hoek dan de squat, zonder meubel als steun
04

Holle-lichaamshouding

Pluspunten:
  • Houdt de romp eerlijk tussen de staande stations
  • Vraagt geen extra meters vloer en geen meubel
Nadelen:
  • Onderrug die hol wordt is een stopsein, geen extra moeilijkheid
  • Beginners overschatten hoe lang de vorm blijft
Uitspraak Corestation van dit circuit; de techniekles voor een voorste steun op ellebogen staat elders
05

Laterale skaters of zijstappen

Pluspunten:
  • Vult het vlak dat rechte sprongen en lunges niet raken
  • Hartslag blijft hoog zonder een tweede ronde burpees
Nadelen:
  • Sprongvarianten zijn luid op houten vloeren
  • Enkelstabiliteit is een harde grens, geen ereteken
Uitspraak Laatste station van de ronde: lateraal en conditie, daarna twintig seconden als ronde-overgang

Veelgestelde vragen

5 vragen beantwoord

01

Hoe bouw je een 20 minuten workout als full-body circuit?

Vier rondes van vijf samengestelde stations. Veertig seconden werk, twintig seconden rust. Na station vijf is die rust de ronde-overgang. Zonder extra minuut blijft de klok op twintig. Squats, push-ups, reverse lunges, holle-lichaamshouding, laterale stappen of sprongen. Geen stoel als verhoging, geen houten plank.

02

Is een 20 minuten workout genoeg voor de hele week?

Nee. Bull et al. (2020, PMID 33239350) en de Physical Activity Guidelines for Americans beschrijven een week met aerobe minuten plus spierversterkende dagen. Een circuit van twintig minuten is een afspraak in die week. O'Donovan et al. (2017, PMID 28097313) laten zien dat de wekelijkse dosis kan samenvallen op weinig dagen, niet dat deze ronde de week vervangt.

03

Verbrandt dit circuit nog uren na afloop extra calorieën?

Niet op basis van Knab. Knab et al. (2011, PMID 21311363) maten veertien uur verhoogd metabolisme na vijfenveertig minuten stevige inspanning. Dat is een andere sessie. Dit artikel schaalt dat getal niet naar twintig minuten. Tel het werk in de ronde, niet een afterburn die hier niet is gemeten.

04

Hoe maak je het circuit zwaarder zonder de timer te rekken?

Houd de twintig minuten vast. Tel herhalingen per station per ronde. Als ronde vier nog op ronde twee lijkt, kies een zwaardere variant of een strakkere uitvoering. Garber et al. (2011, PMID 21694556) vragen een programma dat past bij wat je al doet, je functie, gezondheid, reactie en doel.

05

Kan RazFit dit circuit van 20 minuten voor je klokken?

Nee. RazFit op iPhone begeleidt sessies van 1 tot 10 minuten, met Orion, Lyssa, 32 badges en een proef van 3 dagen. Dat is geen RCT van dit 20-minutenprotocol. Gebruik de app voor kortere stenen. Klok deze ronde zelf als je het volledige slot van twintig minuten wilt.

Klaar om te beginnen?

Haal RazFit binnen en transformeer je fitnessroutine in slechts 1-10 minuten per dag.

Ontvang RazFit gratis